Christus lijdt het meest wanneer Zijn geliefden aan Hem twijfelen
Christus lijdt het meest wanneer Zijn geliefden aan Hem twijfelen
Toen de Heere Jezus dat hoorde verstuurd Hij hen een bericht: “Deze ziekte is niet ten dode, maar ter ere Gods, opdat de Zoon van God erdoor verheerlijkt worde†(Johannes 11:4).
Jezus wist dat Zijn Vader dit wonder op het oog had om Hem de glorie te geven en hen het vertrouwen en geloof! Maar wat bleek het een ervaring van een diep lijden te zijn voor Jezus. De discipelen twijfelden aan Hem, Maria en Martha betwijfelde Hem en zo ook de vrienden van Lazarus die in diep verdriet waren.
Wist Maria hoe diep ze Hem pijn deed toen ze Hem beschuldigde van desinteresse in hun probleem? “Here, indien Gij hier geweest waart, zou mijn broeder niet gestorven zijn†(Johannes 11:21). Wist Maria hoe zeer zij haar Meester pijn deed toen ze vraagtekens zette bij Zijn opstandingskracht? Hij had haar duidelijk vertelt: “Uw broer zal opstaanâ€, maar dit woord was niet genoeg. Zij antwoordde in essentie: “Ja, op de dag der opstanding zal Hij weer opstaan, maar daar heb ik vandaag niets aan†(zie vers 24).
Hoe pijnlijk moet het zijn geweest voor Christus om Zijn dierbaarste vrienden zo te zien twijfelen of Hij wel of niet de kracht bezat die zij nodig hadden. “Weten jullie nog niet Wie ik ben?â€, lijkt Jezus te zeggen, “Ik ben de opstanding en het leven; wie in Mij gelooft, zal leven, ook al is hij gestorven†(zie vers 25). Ik denk niet dat wij weten hoe diep Zijn pijn was op dat moment. Zijn eigen discipelen konden het concept niet grijpen van wie Hij was. Het was pijnlijk genoeg dat Zijn eigen natie Hem niet kon, maar konden zij die Hij waarlijk lief had Zijn kracht niet herkennen? Kon Hij tegen zichzelf gezegd hebben “Zelfs niet mijn nabije vrienden geloven mij – wie zal Mij ooit geloven?â€.
Het is het twijfelen aan Zijn kracht dat zo’n pijn en leed veroorzaakt bij onze Heer! Als wij, Zijn dierbare vrienden, niet vertrouwen in Zijn kracht en trouw, wie zal dat dan wel doen? We noemen Hem Vriend en Heer, maar wij leven onze leven niet alsof Hij de kracht heeft die nodig is om ons overwinnend en vreugdevol te houden – in al onze pijn en moeilijkheden. Wat het hart van de Heer werkelijk bevredigd is een kind die volledig rust vind in Zijn liefde en tedere zorg.
